De leraars die het verschil maken

leraar

Dubbelinterview tussen Yamila Idrissi en haar oud-leraar Herman Frooninckx dat verschenen is in Humo op 03/09/2013.

Journalist: Nathalie Carpentier. Foto’s Saskia Vanderstichele.

Vandaag kent SP.A-parlementslid Yamila Idrissi kunstenaars als Michaël R. Roskam of Jan De Cock persoonlijk en is ze de vurigste pleitbezorgster van een nieuw museum voor moderne en hedendaagse kunst in Brussel. Wat een verschil met het Marokkaanse meisje van twaalf dat al haar moed bijeen moest rapen om tegen ieders advies in over te stappen van `snit en naad’ naar het aso. Die sprong in het diepe zou haar zonder leerkracht Herman Frooninckx slecht bekomen zijn. `Als u niet had gezien dat ik het niet redde in die `blanke’ school, dan had ik het opgegeven.’

‘Daar woonden vroeger de zusters van Vorselaar.’ Herman Frooninckx wijst naar de bovenste verdieping van het oude schoolgebouw in hartje Mechelen. `Zij hadden één doel: arme kinderen onderwijs geven. Ze leren naaien, koken en lezen.’ Frooninckx leidt ons rond in de school waar hij jarenlang lesgaf, toen nog het OnzeLieve-Vrouw van de Ham Instituut geheten. Later werd hij er directeur en zag hij de nagenoeg `wite’ school geleidelijk veranderen in een concentratieschool. Nu huist in het gebouw de Thomas More Hogeschool, en met de zusters zijn ook alle kruisbeelden verdwenen, stelt Yamila Idrissi tot haar verbazing vast: `Vroeger hing het hier vol. Dit was een heel katholieke school.’ Dat maakte de drempel voor Yamila ­ één van de eerste allochtone moslimleerlingen ­ zo mogelijk nog groter. Ze had het al niet gemakkelijk. Op haar twaalfde besliste ze op eigen houtje over te stappen naar het aso. Zonder ruggensteun van wie dan ook. Haar ouders kenden ons schoolsysteem niet, ze waren analfabeet.

HUMO: Op je twaalfde ontbrak het je duidelijk niet aan durf. Straf.

Idrissi (lacht) «Misschien zit het wel in mijn genen. Mijn vader besliste op zijn eenentwintigste om te emigreren, op zoek naar een beter leven. Voor de reis van Marokko naar België had hij geld geleend van het hele dorp. Hij heet alles achtergelaten. Zijn verhaal is toch nog wat strafer dan het mijne. »Maar ik besef nu wel dat ik al vroeg over een enorme wilskracht en een groot incasseringsvermogen beschikte. Mijn hele omgeving wees het idee om over te stappen naar het aso af. Ik volgde `snit en naad’, dát was het normale parcours. Maar ik week af van elke norm ­ thuis, in de Marokkaanse gemeenschap én in de kansarme volkswijk waar we woonden. Daar vonden ze mij waarschijnlijk een omhooggevallen trien. Mijn ouders mochten het soms zelfs komen uitleggen: voedden ze hun dochter niet verkeerd op? »De dag dat ik mij ging inschrijven aan De Ham heb ik misschien wel een uur over die wandeling gedaan, terwijl we vlakbij woonden. Ik had een totaal verkeerde weg genomen. Het staat wel symbool voor mijn verdere carrière: ik kom er wel, maar met veel vertraging. Omdat ik ook niemand in mijn nabije omgeving had die me kon zeggen hoe het moest. Zelfs niet toen ik later rechten studeerde.»

HUMO: Wat weer eens het belang van rolmodellen aantoont.

Idrissi «Omdat ik geen voorbeelden had, deed ik maar wat, hè. De wereld waarin ik terechtkwam was helemaal nieuw. In een veelbesproken opiniestuk heet schrijfster en columniste Celia Ledoux onlangs perfect verwoord wat het betekent om vanuit een arm gezin naar andere werelden te trekken. Onwaarschijnlijk pakkend. Ze beschreef hoe ze leerde door af te kijken. Hoe je je kleedt, hoe je praat, de onderwerpen die je aanhaalt: allemaal imitatie. Heel herkenbaar. Je bent voortdurend bang om door de mand te vallen, om iets te doen dat je verraadt en waardoor iedereen je zal uitlachen.»

HUMO: Dat overkwam jou al bij het kennismakingsrondje in de klas.

Idrissi «Dat was ongeloolijk pijnlijk. Je moest vertellen wat je ouders deden. De vaders van de andere kinderen waren dokter, advocaat of administratief bediende. Ik had op de identiteitskaart van mijn vader gezien dat hij `handlanger’ was; hij deed klusjes in de fabriek. Toen ik dus `handlanger’ antwoordde, ging de klas plat van het lachen, en ik had geen idee waarom ­ dat maakte het nog erger.»

Frooninckx «Het mag je bevreemden maar ik heb me in de middelbare school ook zo gevoeld. Ik volgde Grieks-Latijn in een college in Leuven en behoorde tot een andere sociale klasse dan de rest van mijn klas. Mijn ouders hadden niet gestudeerd, terwijl de vaders van de andere kinderen bijna allemaal professor waren. Ik voelde me verscheurd. Ik wou mijn akomst niet verloochenen en loyaal blijven aan mijn ouders, maar ik wou er ook bij horen. Ik wou ook weten wie Beethoven was.»

Idrissi «Toen ik die avond naar huis ging, heb ik heel erg getwijfeld of ik de volgende dag nog wel terug zou komen.» Frooninckx «Later, toen Yamila vijtien was, heb ik een heel ander meisje leren kennen: eentje met de vaste wil om er te raken.» Idrissi «Die wil was er dat eerste jaar ook al: als je een keuze maakt, gebruik je al je energie om te zorgen dat het niet uitdraait op een mislukking. Dat risico was groot ­ vijfennegentig procent, schat ik. De avond na dat uitlachen, dacht ik: dit was de foute keuze. Ik kan niet mee, ik heb de bagage niet, ik heb niet de juiste achtergrond. Dat jaar werd ik ook alsmaar stiller. Op de speelplaats stond ik vaak wel bij een groepje, maar ik zweeg en luisterde. Ik keek af.»

Frooninckx (lacht) «Dat is dan toch fel verbeterd.»

Idrissi (ernstig) «Stil zijn ligt niet in mijn aard, maar zelf praten werd te bedreigend. Ik wist niet wat mij kon overkomen. Iets zeggen wat in mijn omgeving heel naturel of banaal zou zijn, kon daar heel belachelijk overkomen, of totaal fout. En ik wist het niet eens, ik kon het niet inschaten. Mijn vocabularium en mijn belevingswereld waren toen zoveel beperkter: ik was nog nooit naar het theater geweest, naar de ilm of naar een restaurant. Terwijl dat voor de anderen normaal was.»

SLEUTELMOMENT

HUMO: Jullie zitten samen voor dit dubbelinterview omdat je een paar keer hebt vermeld dat je veel te danken hebt aan Herman Frooninckx. Wat heeft hij gedaan?

Idrissi «Hij zag dat ik het niet redde in het eerste jaar en heeft ingegrepen tijdens een les Nederlandse expressie. Toen die dag groepjes moesten worden gevormd, bleef ik weer als laatste over. Een lang blond meisje met blauwe ogen zei zelfs: `Ik wil met iedereen in een groepje, maar niet met die Idrissi.’ (Tegen Frooninckx) `Jij hebt de les toen meteen stilgelegd, omdat dat gedrag niet door de beugel kon. Voor mij was dat een sleutelmoment.»

Frooninckx «Dat heb ik toen niet beseft.»

Idrissi «Dat jij daar toen een punt van maakte, is zó belangrijk geweest. Je bood mij de veiligheid die ik broodnodig had. Nu vermoed ik dat je er door je eigen ervaring misschien wel gevoeliger voor was.»

HUMO: Heeft ze gelijk?

Frooninckx «Ik ben ervan overtuigd dat je sociaal intelligenter wordt als je je ervaringen uit vroegere crisissen gebruikt. Ik herinner me wel dat ik die les heb stilgelegd omdat Yamila werd uitgesloten, maar dat heb ik etelijke keren in vergelijkbare situaties ook gedaan. »Op zo’n moment kan je als leraar van alles doen: wegkijken, het slachtoffer ergens parkeren, autoritair reageren of de zaak bespreken. Ik heb altijd voor het laatste gekozen. Dan probeer je te verbinden in plaats van de kracht van de sterkste te laten spelen.»

Idrissi «Als je toen niet tussenbeide was gekomen, had ik misschien wel echt afgehaakt. Ik kon dat niet zelf bevechten. En als ik zelf naar de leraar was gestapt, was ik de klikspaan. Doordat je het toen bespreekbaar maakte, kreeg ik weer wat ruimte.»

Frooninckx «Gelukkig is dat ook zo uitgedraaid, want ik besete wel dat ze die ruimte alleen kon krijgen van de groep, niet van mij. Als ik Yamila in bescherming nam en niets met de groep deed, zou het één lesuur lang beter gaan, maar daarna zouden ze zich weer tegen haar keren. »Wie op zo’n moment niet ingrijpt, is ziende blind. Als je werkt met jonge mensen, moet je inschaten of ze goed of slecht in hun vel ziten. Natuurlijk kan je nooit alles zien, maar als je íéts ziet, mag je dat niet negeren. Anders zal jouw lompheid die prille machtsmechanismen in een klas versterken in plaats van ze te corrigeren. Dat doorbreken is ook opvoeden. Ik denk dat heel wat leerkrachten dat wel doen. »In die tijd was Yamila de enige Marokkaanse in een blanke klas. Mocht het zich twintig jaar later hebben afgespeeld, dan was de groepsdynamiek heel anders geweest. Dan zaten er waarschijnlijk tien allochtonen in de klas. Yamila heet vaak in de wind gestaan. Ze was ook de eerste allochtone advocate van Mechelen. (Enthousiast) Eigenlijk is zij de Kim Clijsters van de allochtone meisjes! (Yamila schatert)»

Idrissi «Later ben ik inderdaad ook uitgegroeid tot een voorbeeld. Het is een dunne lijn tussen verguisd worden en op handen gedragen worden.»

HUMO: U doet uw ingrijpen in de klas af als de normaalste zaak van de wereld, maar dat is het toch niet? Kijk maar naar de relativering van racisme tegenwoordig.

Idrissi «Dat was het inderdaad niet. Doordat jij daar wél oog voor had, was je een atypische leerkracht. Je gebruikte ook andere methodes om les te geven, in de filosofielessen bijvoorbeeld.»

Frooninckx «Dan praaten we door tot op het bot.»

Idrissi «Waardoor we elkaar ook écht leerden kennen. Jij moet soms toch in aanvaring gekomen zijn met gezag en systemen die de gang van zaken in je lessen liever anders zagen?»

Frooninckx «O ja. Ik ben als leraar meermaals gecorrigeerd geworden door de directie. Soms terecht. In alles wat ik deed, stond de relatie met mijn leerlingen centraal. Als je oog hebt voor wie tegenover je zit, kan je ontzetend veel bereiken. Ik heb mij ongeloolijk gesmeten in het onderwijs, maar ik heb er nog veel meer voor teruggekregen.» »Weet je wat vandaag de grootste handicap van een leerkracht is? Dat de meesten hogere studies hebben gedaan en tot de middenklasse behoren. Terwijl ze vaak terechtkomen voor klassen met kinderen die thuis géén boeken hebben of die weinig interesse hebben voor cultuur. De beste leraars zijn zij die de signalen van die kinderen uit andere referentiekaders opvangen en herkennen, en hen helpen oversteken naar de andere wereld.»

Idrissi «Dát heb ik bij jou gevoeld. Dat zijn inderdaad de helden.»

Frooninckx «Nu voel ik me toch wat ongemakkelijk; zo zijn er veel collega’s, maar die worden niet allemaal geïnterviewd.»

HUMO: Ik moet denken aan een uitspraak van Noël Slangen over zijn eigen sociale migratie in De Standaard: `Het fundament van sociale armoede wortelt in een gebrek aan zelfrespect en zelfvertrouwen. Als iemand jou dat geeft, is dat een eerste stap uit de uitzichtloosheid. Iedereen wil er op zijn manier toe doen: of dat nu met een eigen boek of een mooie voortuin is.’

Idrissi «Je wilt dat ze je zíén. Dan durf je te denken: ik ga het halen.»

Frooninckx «Ik heb leerlingen vaak zien openbloeien. Ik heb jarenlang free podia met hen georganiseerd en maakte ze dan verantwoordelijk voor de belichting of de techniek. Dat was niet niks, het eindresultaat was een optreden voor duizend mensen. »De leerlingen met wie het minst te doen viel in de klas, waren degenen die mij later kwamen zeggen dat die verantwoordelijkheid het mooiste was wat ze hadden meegemaakt op school. Zo’n bevestiging ­ ik zie je, ik geloof je, doe maar ­ doet wonderen. Leerlingen zijn zoveel meer dan leerlingen: het zijn zóékende jonge mensen. Tijdens de schoolreis naar Londen merkte ik dat nog het meest.»

HUMO Die schoolreis was voor veel leerlingen vanzelfsprekend, niet voor Yamila.

Idrissi «Dat lag inancieel ook moeilijk. Hoe vaak liet ik geen schoolrekeningen in mijn boekentas ziten omdat ik ze thuis niet durfde af te geven. Bij elke nieuwe uitgave voelde ik mij schuldig: ik was de tweede van acht kinderen en nam een grote hap uit het gezinsbudget.»

Frooninckx «Het is bijna een vicieuze cirkel: ging je mee, dan kostte het handenvol geld, bleef je thuis, dan miste je wéér een stuk van dat nieuwe referentiekader.»

Idrissi «Bij elke nieuwe stap die ik zette, moest mijn familie ook bereid zijn om hun vertrouwde wereld verder open te gooien. Het had net zo goed tot een breuk kunnen komen. » Maar ik kan nu goed relativeren én ik heb geleerd hoe je mensen moet overtuigen. Ik heb mijn ouders vroeger vaak genoeg over de streep moeten trekken; in de politiek is die ervaring nu een troef. En ik weet dat iets wat op dit moment nog moeilijk ligt, straks misschien wel kan.»

Frooninckx «Wie alleen in het salon in een luwelen zetel heet gezeten, ontwikkelt geen sterke persoonlijkheid. No pain, no gain.»

DE NODIGE PIJN

HUMO: Yamila, je bracht uren lezend in de bibliotheek door om te begrijpen waar anderen het over hadden. Was dat enkel om die wereld te leren kennen of trok je je ook op aan wat je las?

Idrissi «Door te lezen of naar het theater te gaan, ontdekte ik dat ik niet alleen was. Ik herkende stukken van mezelf. Het raakte me en kon me ontzettend veel energie geven. Net omdat cultuur en literatuur zoveel voor iemand kunnen betekenen, zit ik ook in de Commissie Cultuur van het Vlaams Parlement. »En niet onbelangrijk voor mij: lezen kost weinig. Je gaat naar de bibliotheek, kiest een boek en creëert zonder veel moeite een andere wereld. Toen las ik om mijn nieuwe én mijn oude wereld te begrijpen. Er was zoveel chaos, al mijn zekerheden werden aan het wankelen gebracht en ik had geen enkel kompas. Dat vond ik in boeken.»

Frooninckx «Door te lezen kan je gratis rijk worden. Want je stapt niet alleen in een andere wereld, je komt er ook anders uit. Gelukkig kan je ook op straat sociaal intelligent worden, maar ik vond het toch belangrijk om mijn leerlingen boeken aan te reiken. Lezen vormt je identiteit, laat je toe om met nog meer brillen naar de wereld te kijken. Al is het natuurlijk geen garantie.»

HUMO: Nog een citaat. Dit stond als definitie van een goede leraar op de site van The New York Times: `He tells you about life: the challenges, the problems, the reason he arrives halfshaven. He turns Romeo and Juliet into a lesson on love, algebra into a philosophy discussion, and science into an art appreciation class.’

Idrissi «Dat doet me onmiddellijk denken aan onze ilosoische discussies over de grot van Plato.»

Frooninckx «In die tekst beschrijt Plato hoe je vanzelfsprekendheden moet durven achter te laten om je te ontwikkelen. Dat gebeurt niet zonder de nodige pijn, het kan een eenzaam proces zijn. En vaak kan je niet terugkeren naar de `naïeve’ situatie van voordien. Aan die tekst van hooguit anderhalve pagina hebben we acht lesuren besteed.»

Idrissi «Wel de beste acht uren. Die gingen over het leven. Als ik tot een nieuw inzicht kom, moet ik daar steevast aan terugdenken.»

Frooninckx «We hebben na Yamila’s schooltijd ook nog diepgaande gesprekken gehad. Zo’n band had ik ook met enkele andere leerlingen. Als ze volwassen worden, verandert de relatie ook. Leerlingen kunnen mijn meesters worden.»

HUMO: Laten we de vraag dan eens omkeren: wat hebt u van Yamila geleerd?

Frooninckx «De vechtlust, de drang om iemand te worden en de volharding. Maar ik heb ook van haar geleerd dat the sky the limit is. Zelfs al heb je even in `snit en naad’ gezeten, dan nog kan je ­ met het nodige talent en met wilskracht ­ ook advocaat worden. En ook: wat een geluk dat niet alles vastligt in systemen. Dat er ruimte is voor gelukkige ontmoetingen en accidents de parcours.»

Idrissi «Ik heb van jou het belang van empathie geleerd. Dat je veel dingen die op het eerste gezicht heel moeilijk of onmogelijk lijken, kan overbruggen door de tijd te nemen om te luisteren, het echte verhaal te leren kennen.»

HUMO: Als schooldirecteur kwam u enkele jaren geleden in de pers na rake klappen van de familie van een zwangere allochtone leerlinge; u had haar in bescherming genomen. Een conflict in een concentratieschool,dat u letterlijk gevoeld hebt. Welk advies kunt u met uw jarenlange positieve én negatieve ervaring aan leerkrachten geven?

Frooninckx «Dat angst een ongeloolijk slechte raadgever is. Een inspirerende leraar in een grootstedelijke context ­ wat voor scholen in heel Vlaanderen begint te gelden ­heet een open blik en durt zich kwetsbaar op te stellen. Die staat open voor wat vreemd is, maar bepaalt ook zijn eigen identiteit. Wie in een kleurrijke omgeving lesgeet, krijgt de kans om zijn identiteit op veel manieren te bevragen en zo te groeien. Dat is zeker niet altijd gemakkelijk, maar wel een enorme kans.»

HUMO U bent positief ingesteld. Dat is lang niet iedereen. Sommigen zouden u naïef noemen.

  Frooninckx «Ik pleit niet voor blind, naïef optimisme. Wat verkeerd loopt, moet je durven te benoemen. Je moet durven te zeggen dat je iets niet aanvaardt. Maar ik heb niet die veel voorkomende relex dat het niet meer goed komt, dat we onze identiteit aan het verliezen zijn. De angstrelex van de bange, blanke man is van alle tijden, en ook wel te begrijpen. Maar die leidt tot stilstand. Je moet vooruitkijken.»

Idrissi «Het komt neer op de keuze tussen verbindend of verdelend leiderschap. Dat is zo essentieel. Kijk naar Antwerpen en hoe de eenheid die Patrick Janssens had opgebouwd in enkele maanden tijd wordt verkwanseld. Alles wordt benoemd vanuit de verschillen. Niet alleen autochtoon versus allochtoon, maar ook economisch sterk versus economisch zwak, sterke kinderen versus zwakke kinderen. Alles wordt wij-zij.»

Frooninckx «Leiderschap vanuit verschillen is een leiderschap dat behoete heet aan vijandbeelden. Zo heb ik nooit willen werken. Als je verbindend werkt, werk je duurzamer. Een stad is gewoon een grote klas waar evengoed kinderen kunnen worden uitgesloten.»

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s