Maak van de Grote Moskee een centrum van moderne islam

Omslag kanaal

De Morgen, Ma. 06 Mar. 2017, Pagina 15

DE ISLAM IN EEN SECULIERE STAAT Wordt het nog wat met de islam in de seculiere samenleving? Is de radicalisering onstuitbaar, of maken hervormers een kans? De Morgen geeft een stem aan ervaringsdeskundigen, mensen die moslim zijn of waren en die de druk van de radicale islam aan den lijve ondervinden. Een week lang leest u hun soms botsende antwoorden op de vraag hoe de islam te verzoenen valt met seculiere grondwaarden. Klinkt de moderne stem van de islam te stil in België? Yamila Idrissi, sp.a-volksvertegenwoordiger en moslima, wil er wat aan doen. ‘Maak van de Grote Moskee in Brussel een centrum voor rationele islam waar ook niet-moslims welkom zijn. We moeten vechten tegen de Google-imams.’

Ze kan Koranverzen reciteren, maar evengoed het Weesgegroet. Ze is een feministe maar houdt van moskeeën. Op vakantie in Marokko wil ze “weleens een hoofddoek dragen, want dat is mooi en praktisch”, maar als politica vraagt ze dat ons land eindelijk de erfpachtovereenkomst met Saudi-Arabië voor de Grote Moskee in de hoofdstad stopzet. Ze is, niet in de laatste plaats, een migrantendochter uit een bescheiden gezin met acht broers en zussen – die advocate en volksvertegenwoordiger werd.

“Tegen dat Weesgegroet heb ik me destijds wel verzet”, lacht Yamila Idrissi(48). “Ik was één jaar oud toen mijn ouders van Marokko naar België trokken en groeide op in een dubbele cultuur. Ik ging tijdens de week naar een katholieke school en in het weekend naar de moskee. Toen ik het Weesgegroet moest leren, zei ik: ‘Echt? Ik ben moslima.’ Maar het moest. Een beetje uit protest heb ik het dan maar met alternatieve klemtonen geleerd.”

Het is maar één voorbeeld van hoe Idrissi’s leven altijd al een dialoog geweest is tussen Marokko en België, tussen islam en christendom, tussen de religie en de seculiere rechtsstaat.

Grote gelijkenissen

Voor de buitenwereld lijkt die dialoog vandaag onmogelijk, voor Idrissi is hij vanzelfsprekend. “Op de schoolbanken al leerde ik dat islam en christendom dicht bij elkaar liggen. Wat je in de Koran leest, staat ook in het Oud Testament. Gabriel en Mozes. Maar ook met het Nieuwe Testament zijn er grote gelijkenissen. Maria en Jezus, die kennen moslims ook. Eigenlijk zouden we onze religieuze teksten moeten vergelijken om te zien hoe dicht we op dat vlak bij elkaar staan.”

Via de literatuur ook is het dat Idrissizich, als jonge vrouw, een weg naar buiten heeft gelezen. Ze is een grote fan van de Britse Pakistaan Hanif Kureishi, de Franse Libanees Amin Maalouf, de Nederlandse Connie Palmen en de Vlaming Hugo Claus. “De bibliotheek van Mechelen, waar ik opgroeide, heb ik zowat uitgelezen. Lezen stelt je in staat je eigen wereldbeeld te doorbreken, je te verplaatsen in de ander en te ontdekken dat er heel verschillende werelden en denkwijzen zijn.”

De radicalisering kent ze van dichtbij. Sinds de jaren 80 al zag ze de radicale islam jaar na jaar oprukken- net als de halfslachtige, vaak verkrampte reactie daarop.

Oudere opiniestukken en met fluostiften bewerkte documenten illustreren haar betoog. Maar nu is het momentum er om eindelijk wat te veranderen, meent ze.

Welk momentum? Je hoort amper hervormingsgezinde stemmen uit de moslimgemeenschap.

Yamila Idrissi: “Tel alle vernieuwers op en je komt best wel bij een grote groep mensen uit. Het is tijd om hen eindelijk een plaats te geven. Neem Rachid Benzine (een Frans-Marokkaanse islamoloog en boegbeeld van de liberale islam, LD/BDB). Die heb ik in 2013 al bewust naar hier gehaald. Daar is zijn Le coran expliqué aux Bruxellois uitgekomen. Rachid is een hedendaagse Spinoza voor de moslims. Op zijn lezingen zag je heel Brussel bij elkaar: bobo’s, moeders met en zonder hoofddoek, veel jongeren ook. Allemaal mensen die honger en dorst hadden naar kennis en inzicht.”

Zitten mensen zoals hij en u niet tussen twee vuren?

“We zitten niet tussen twee, maar tussen heel veel vuren. De vernieuwers zijn ook onderling verscheiden. Guerrilla-intellectueel Abdellah Taïa dropte, door zich te outen als homo, een bommetje in Marokko. De Algerijnse schrijver Kamel Daoud is iemand die zowel gedragen als uitgespuwd wordt. Maar ook de moefti van Bordeaux Tareq Oubrou, of bij ons, de Gentse imam Khalid Benhaddou, zijn op hun manier vernieuwers.

“Vernieuwing is altijd een kwestie van individuen die het voortouw nemen en zoekende mensen die die nieuwe stemmen wel als kompas gebruiken. Dat elan mogen we niet laten uitdoven. Doen we dat wel, dan ontnemen we een hele generatie, moslims en niet-moslims, perspectief en hoop”

Hoe concreet is die dynamiek al?

“Je ziet nog geen massa, wel individuen. Die moeten we absoluut de nodige omkadering bieden. Een plek waar ze elkaar beter vinden, moslims en niet-moslims, seculieren en gelovigen die bereid zijn samen een gemeenschap te vormen, gebaseerd op de humanistische waarden.

“Je zult die mensen niet samen krijgen in moskeeën, kerken of synagogen. Ze hebben plekken nodig waar je elkaar ontmoet wars van religieuze achtergrond. Klassen, bibliotheken, theaterzalen en noem maar op, kunnen de veilige plaatsen zijn waar dit heel complexe en wringende debat kan plaatsvinden.”

Jonge moslims interpreteren de Koran en zijn concepten, zoals de duivel en het paradijs, erg letterlijk. Hoe counter je dat?

“Ik heb als jong meisje ook massa’s verzen leren opdreunen. Maar op een gegeven moment moet je jongeren dus kritisch leren nadenken. Ze zouden zelf de vraag moeten kunnen stellen: ‘Waarom zou ik dit Koranvers buiten elke historische context moeten lezen?’ Dat is net waar de moderne islam kan helpen. We moeten hen die andere stemmen laten horen.

“En ja, dat kan pijn doen. Toen Benzine les begon te geven aan de universiteit waren er jongeren die huilend op hem afkwamen en zeiden: ‘Wat u daar vertelt, klopt niet met alles wat ik heb geleerd! U heeft mijn wereldbeeld aan diggelen geslagen!’ Maar wat moet, dat moet soms. De jongeren níét confronteren betekent hen opgeven.”

Jongeren confronteren betekent ook hen nieuw en ander materiaal aanreiken.

“We zijn daar erg hypocriet in. Nu pas komt Benzine uit in het Nederlands (Nour, waarom zag ik het niet aankomen?, uitgegeven bij Polis, LD/BDB). Als ik Averroes, de 12de-eeuwse islamitische jurist en vader van de vroege Verlichting wil lezen in het Nederlands, of de Marokkaanse feministe Fatima Mernissi, dan kan dat niet. Ik herinner me dat het Vlaams Fonds voor de Letteren ooit in zijn jaarverslag twee regeltjes over diversiteit had. Gelukkig is dat nu allemaal wat aan het veranderen.”

De VUB heeft nu, door uw toedoen, wel een leerstoel Fatima Mernissi, uw sociologische inspiratiebron.

“Toen ze vorig jaar stierf, heb ik aan een uitgeverij gevraagd: ‘Waar zijn haar boeken?’ Ze waren er niet. Terwijl dat de Arabische Simone de Beauvoir is, hé. We zeggen graag dat de democratische rechtsstaat en een moderne invulling van de islam heel belangrijk zijn. Maar als er dan referentiepunten komen, dan vind je hun werk niet in het Nederlands of Frans, zelfs niet aan de universiteit. Onze jongeren gaan dat echt niet in het Arabisch lezen, hoor.

“Als we dat materiaal niet aanbieden, dan verschroeien we onze eigen aarde en voeden we mee het probleem. VUB-rector Caroline Pauwels heeft dat heel goed begrepen. Plekken zoals die leerstoel, waar de kruisbestuiving kan ontstaan, zijn nu cruciaal.”

Wat kunnen jonge moslima’s leren van Mernissi?

“Haar werk gaat over vrijheid. Ze heeft geschreven over mannelijke dominantie in de islam. Ze grijpt naar de Koran om aan te tonen dat islam en feminisme erg compatibel zijn. Zo laat ze zien dat Khadija, de vrouw van de profeet die handel dreef, in hedendaagse termen een succesvolle onderneemster zou zijn. Ik zeg niet dat de visie van Mernissi de enige mogelijke is, wel dat ze een stevig houvast biedt voor de hedendaagse moslima.”

Wat zegt Mernissi over de hoofddoek?

“Dat het elke vrouw toekomt in vrijheid te beslissen wat ze draagt.”

De hoofddoek is een erg symbolische kwestie geworden. Hoe krijgen we die ontmijnd?

“Dé hoofddoek! Zo’n veralgemening! Net zoals dé moslim een veralgemening is. Er zijn vrouwen die hun hoofddoek dragen als tegenreactie. Om te provoceren. Er zijn er die het om religieuze redenen doen, er zijn er die het uit vrije wil doen en anderen bij wie het opgelegd is of die toegeven aan de druk. Zelf ga ik de hoofddoek niet verdedigen, maar laat die mensen toch vrij!”

Wat als een vrouw niet eens een theehuis binnen mag?

“Dan moet die vrouw al haar vriendinnen optrommelen en ’s anderendaags met heel die groep terugkeren. Zo krijg je de zaak in beweging. De dingen zijn ook niet zo statisch als ze lijken, niets is definitief. De documentaire van RTBf-journaliste Hadja Lahbib liet dat zien: veel vrouwen droegen geen hoofddoek, maar bijvoorbeeld wel een minirok toen ze in België arriveerden. Maar plots gingen ze zich helemaal bedekken omdat ze van predikanten in de Grote Moskee hoorden dat het zo moest. De invloed van Saudi-Arabië via die moskee is verschrikkelijk.”

Dat weten we onderhand wel. Wanneer wordt er wat aan gedaan?

“Het gaat te traag. De politiek heeft de dingen lange tijd op hun beloop gelaten. Vanuit dat pand, dat ons land in erfpacht aan de Saudi’s gaf, wordt veel geld gestopt in de wahabitische indoctrinatie, in conservatieve islamisering dus. Toen die deal werd gesloten, wisten we niet wat de gevolgen zouden zijn. Maar we weten het nu, en we weten het al een tijdje. We zien nu dat we die imams hier moeten opleiden. Sinds het OCAD het probleem aankaartte is de Grote Moskee natuurlijk wel een charmeoffensief begonnen en is er een nieuwe imam gekomen, nadat de vorige erg ver uit de bocht gegaan was tijdens het Vrijdaggebed.”

Kun je de strijd tegen de radicalisering nog wel politiek claimen als je de relaties met Saudi-Arabië niet grondig herbekijkt?

“Ja, dat móéten we dus doen. Sp.a heeft voorstellen gedaan om die geldstromen vanuit Saudi-Arabië droog te leggen. Maar die zitten nog altijd geblokkeerd, onder andere wegens de economische belangen. Dat is wraakroepend. Zo geef je zelf een hele groep jongeren op.

“Als het dan toch de hele tijd over verlichtingswaarden gaat, laat die dan ook primeren op de olie. Want je ziet het zo gebeuren: Saudi-Arabië zal beloven voortaan netjes mee te werken. Maar hoe geloofwaardig is dat van een land dat een blogger die gedichten post wil ophangen? En waar vrouwen opgepakt worden omdat ze autorijden? Waar zijn onze waarden dan? Onze houding is hypocriet, cynisch en pervers. Hiertegen moet keihard gereageerd worden, net zoals we keihard moeten ingaan tegen jihadisme en terreur.”

Idrissi haalt een studie van de OESO aan die het gevoel beschrijft waar zoveel jonge moslims in de EU aan ten prooi zijn, al zijn ze nog zo hoogopgeleid: dat ze er niet bij horen.

Er is een moslimbraindrain aan de gang van gediplomeerde jongeren, bevestigt ook Idrissi. Mensen die hier op een muur stoten en hun kansen liever in Dubai, Tanger of Istanbul wagen. Mensen die het gevoel hebben dat, hoe hard ze ook hun best doen, ze er nooit voor het volle pond bij zullen horen. “De Francken- of deportatiewet is er een schrijnend voorbeeld van.”

Dat komt onder meer, zegt ze, omdat we niet genoeg in hen geïnteresseerd zijn en hun referentiekader niet willen kennen. Wie heeft pakweg al van Layla en

Majnungehoord, de oudere, Perzische variant van Shakespeares Romeo and Julia?En weet iemand dat ook de Arabische wereld mensen heeft met de status van George Michael? Kan iemand volwaardig bestaan als de bijdrage van zijn of haar cultuur op geen enkel moment erkend wordt?

Intussen waarschuwde het federaal veiligheidsorgaan OCAD laatst dat onze moslims almaar radicaler worden.

“Het gevoel er niet bij te horen speelt daarbij heel sterk, zowel bij redelijk succesvolle hoogopgeleiden tot het crapuul van de straat en alles wat daartussen zit. Wat je vooral niet kunt ontkennen is dat het radicale verhaal, het kalifaat, een enorme aantrekkingskracht uitoefent, een soort utopie voorspiegelt op het moment dat het Europese verhaal uitgeput raakt. We moeten dus samen een nieuw discours schrijven. Dat zal ten gronde over de vraag moeten gaan: wie zijn wij als samenleving?”

Maar hoe gaan we religieuze conservatieven uitleggen dat aan de seculiere rechtsstaat niet geraakt mag worden?

“Wat is conservatief? Ik ben juriste.Ik bekijk de realiteit vanuit de democratische rechtsstaat en de basiswaarden die voor iedereen zouden moeten gelden. Dat is de handleiding. Mensen mógen sociaal conservatief zijn, hé. Laat ze, zolang ze de principes van de democratische rechtsstaat respecteren. Natuurlijk zijn veel moslims erg conservatief. Maar je kunt ze niet wegduwen. Je moet ze vertrouwen geven en hoop. Ook hen.”

Veel vernieuwers binnen de islam waarschuwen dat we te ver meegaan met de conservatieven.

“Er zijn krijtlijnen nodig. Veel mensen hebben angst, niet-moslims en moslims. Dus moeten we benoemen wat erover is, en beargumenteren waarom. Dat zal van ieder van ons iets vergen. Nog te vaak denken mensen: ‘Oei, we moeten ons aanpassen.’ Maar wat je vooral moet doen is binnen die heel complexe verscheidenheid toch een gemeenschappelijk verhaal schrijven, gebaseerd op de democratische rechtsstaat.”

Botst het ook tussen strenge moslims en gematigde moslims?

“Jazeker. Als iemand mij zegt: ‘Ik geef u geen hand’, dan clasht het. Als iemand mij zegt: ‘Jij bent een verkeerde moslim’, dan clasht het. Maar je moet de dingen blijven uitspreken.

“De grootste groep moslims zijn ook maar gewone mensen die dromen van een huisje, tuintje, gezin en een leuke job. Ze betalen netjes hun belastingen en hebben de toekomst van hun kinderen als belangrijkste ambitie. Ze blijven weg van het gewoel – en dat is perfect oké. Veel Vlamingen leven net zo.”

U klinkt hoopvol. Waar komt die hoop vandaan?

“De nieuwe avant-garde is er, er zijn mensen die het voortouw zullen nemen en de dingen door elkaar zullen schudden. Niet alleen binnen de islam, ook binnen de Europese Unie.

“Maar eerst zullen we nog zwarte sneeuw zien, helaas. Die hele internetcultuur met dat fake nieuws is erg gevaarlijk. Bij de verkiezingen in Nederland, Frankrijk of Duitsland kan er veel kapotgemaakt worden. Er is al de brexit, Hongarije steekt van alles uit. Het wordt moeilijk. Geef mij dan maar het Canada van Justin Trudeau. Ons systeem is geërodeerd.

Noem eens één concrete stap in de goede richting die haalbaar is op korte termijn.

“Vorm de Grote Moskee om tot een groot centrum voor de moderne islam in Europa. Daar zouden we al die nieuwe stemmen heen kunnen halen. Knappe koppen, toegankelijk voor iedereen. Dan moet je het natuurlijk nog eens raken over wat die moderne islam precies moet zijn. En ook dat zal botsen. Maar laat de discussie maar woelen. Geef de vernieuwing een kans. Ik ben er zeker van dat de common ground vrij snel gevonden kan worden.

“Ik ben niet naïef. Moslimjongeren zijn nu nog te vaak makkelijke prooien voor radicale stromingen binnen de islam, die heel toegankelijk zijn via het internet. Als wij geen stevig tegenwicht bieden voor de ‘Google-imams’, zal de erfpacht van de Grote Moskee opzeggen en de geldstromen vanuit Saudi-Arabië en andere Golfstaten afblokken, niet volstaan.

“Maar symbolen hebben hun belang. Er is iets kapot in Brussel. Maak van die Grote Moskee die nu problematisch is een positief medicijn. Het is nodig dat we beslissen om er een deel van de oplossing van te maken. Ik heb zelfs al een naam: de Grote Averroes Moskee van Brussel.”

‘De moslim bestaat niet.’ Bekijk de oproep van Yamila Idrissi online.

DeMorgen.be

LODE DELPUTTE EN BARBARA DEBUSSCHERE ■

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s