Een Witte Mars, een afrekening met clichés

De Witte Mars om de gestorven imam Abdallah Dahdoud te herdenken, was een afrekening met de vooroordelen over de islam en een keerpunt voor Brussel. De mars van de hoop.

Ruim tweeduizend moslims stapten zondag door Brussel. Tweeduizend moslims, dat zijn er veel. Zeker voor een gemeenschap die vaak het verwijt krijgt zich te vaak op te sluiten. Mentaal, in zijn eigen gelijk, en fysiek, in zijn eigen kleine wijk. De Witte Mars was een afrekening met de clichés. Een afrekening met de vooroordelen. Ook moslims treuren in het wit, met witte rozen en witte ballonnen. Ook moslims zeulen op hun mars Belgische vlaggen mee. Ook moslims kloppen bij Vrouwe Justitia aan om gerechtigheid te vragen.

De Witte Mars was een eerbetoon aan Abdallah Dahdouh, de imam van de Rida-moskee in Anderlecht. Een wandelende bibliotheek en zowat de meest tolerante imam van heel Brussel, klonkt het bij de deelnemers aan de mars. Ze wilden zijn erfenis levend houden: een open, tolerante islam die gelovigen verenigt in plaats van hen te verdelen. Geen krachtiger signaal aan de extremistische salafist die brand stichtte in de moskee dan een serene Witte Mars.

De Brusselse moslims toonden zondag dat er een groot draagvlak is voor een moderne islam. Een Europese islam, zo u wil. Ze liggen niet wakker van de verschillen tussen soennieten en sjiieten, ze laten zich niet opjutten door de meedogenloze confrontaties in Syrië en elders in het Midden-Oosten. Ze wonen hier, ze leven hier, ze belijden hun geloof hier. De Witte Mars was een antwoord op de extremisten die ook in Brussel voet aan de grond proberen te krijgen, zeker bij jongeren die worstelen met een gebrek aan toekomstperspectieven en vatbaar zijn voor een kant-en-klare manier van leven. De Brusselse moslims toonden zondag dat ze niet meegaan in de onverdraagzaamheid en de wraakzucht van de extremistische splintergroepen van de islam.

Wel integendeel. De aanhangers van een open, tolerante, zoekende islam zijn er alleen maar talrijker op geworden. Ze hebben zich niet opgesloten in hun eigen buurt en hun eigen gemeenschap, ze zijn net uitgebroken. De mars van zondag stopte niet aan de grenzen van Kuregem. Zelfs niet aan de grenzen van Anderlecht. Hij trok recht door de hoofdstad, op naar het Justitiepaleis. Een krachtig signaal dat de Brusselse moslims vertrouwen hebben in Vrouwe Justitia. Dat ze zich schikken naar de Belgische wetten en vertrouwen hebben in het oordeel van het gerecht over de moordenaar van hun imam. Als dat geen integratie is.

De aanslag in de Rida-moskee was een aanslag op de vrijheid. Een aanslag op de diversiteit. Bref, een aanslag op heel Brussel. Want tot spijt van wie het benijdt: dat is nu eenmaal de realiteit van de stad, dat iedereen een beetje anders is en dat we met vallen en opstaan zoeken naar een gemene deler tussen al die verschillende mensen en gemeenschappen.

Brussel is een laboratorium. Voor heel het land, voor heel Europa zelfs een beetje. Weinig steden zijn zo jong, zo complex, zo divers. En zoals in elk laboratorium loopt er wel eens een experiment fout. Maar uit die fouten worden lessen getrokken om herhalingen te vermijden. De aanslag in de moskee heeft ons getoond dat we nog harder moeten werken om de voedingsbodem van radicalisten en extremisten weg te nemen. Dat we moeten investeren in Brussel, dat we veel meer jongeren aan werk moeten helpen. Dat we moeten zorgen dat het gigantische potentieel dat deze stad heeft niet gefnuikt wordt, maar zich volop kan ontwikkelen. Dat we niemand achterlaten.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s