Crowdfunding, van ‘mijn idee’ tot ‘ons project’

1ste cultural mindfood over Crowdfunding

Wanneer: dinsdag 7 februari 2012 van14:00 tot 16:00

Waar: Bar KVS – Arduinkaai 7 – Brussel

Programma:

  • Inleiding: Yamila Idrissi [Vlaams volksvertegenwoordiger sp.a]
  • Keynote: Roy Cremers, initiator en projectmanager van Voordekunst [Crowdfundingplatform door Amsterdams Fonds voor de kunst] – Bart Becks, Sonicangel [Belgisch Crowdfundingplatform]
  • Panelgesprek met Bart Becks [Sonicangel &Filmangel.TV] – Piet Callens [Cultuurinvest] – Paul Corthouts [oKo] – Michael Roskam [regisseur]
  • Conclusie door Yamila Idrissi “Hoe kan de overheid crowdfunding versterken?”
  • Afsluitende receptie

De toegang is gratis – verplicht inschrijven voor 3 februari via els.verhaegen@vlaamsparlement.be – 02/552 42 52

 

Crowdfunding = funding by the crowd = investeren door de menigte

Crowdfunding is een vorm van financiering waarbij een groep investeerders, de crowd, en ondernemers samenwerken en investeren in nieuwe projecten. Vele kleine investeerders geven een relatief klein bedrag wat bij elkaar opgeteld leidt tot een grote som, het benodigde kapitaal om een project op te starten. Internet speelt een enorm belangrijke rol bij crowdfunding. Door de snelle, goedkope en efficiënte manier van communiceren maakt internet het mogelijk om snel een groep investeerders bij elkaar te brengen. Toepassingsmogelijkheden lijken oneindig…

Tijdens Crowdfunding, van ‘mijn idee’ tot ‘ons project’ focussen we op de toepassing van crowdfunding in de creatieve sector.

Keynote sprekers zijn Roy Cremers van Voordekunst [Crowdfundingplatform door Amsterdams Fonds voor de kunst] en Bart Becks van Sonicangel [Belgisch Crowdfundingplatform]. In het panelgesprek met Bart Becks [Sonicangel &Filmangel.TV] – Piet Callens [Cultuurinvest] – Paul Corthouts [oKo] – Michael Roskam [regisseur] wordt dieper ingegaan op de mogelijkheden, valkuilen en de potentiele rol van de overheid bij crowdfunding.

Kom het ontdekken op de eerste cultural mindfood Crowdfunding, van ‘mijn idee’ tot ‘ons project’.

Wie roept Sharia4Belgium een halt toe?

Afgelopen weekend driegde ze er nog mee het Atomium op te blazen omdat het in hun ogen een symbool van afgoderij was.
Vlaams parlementslid Yamila Idrissi is boos en verontwaardigd. “Ofwel  hebben we hier te maken met een gevaarlijke groepering ofwel met een bende dorpsidioten maar in beide gevallen moet er iets gebeuren”, stelt Idrissi. Wanneer er echt gevaar dreigt moeten politie en gerecht hun werk doen maar wanneer dit niet het geval is moeten we hen volgens de politica vooral geen groter forum te geven dan ze verdienen.

Idrissi ergert zich aan het feit dat Sharia4Belgium de Islam keer op keer misbruikt. “Zo kunnen ze ook steeds rekenen op massale persaandacht waarin elke vorm van kritische berichtgeving ontbreekt”, stelt Idrissi. “Sharia4Belgium heeft niets met islam te maken en ze spreken al helemaal niet in naam van de Belgische moslims. Waarom ze dan steeds zo een forum geven? “ vraagt Idrissi zicht af.

In beide gevallen doen we er, volgens Idrissi, goed aan om hen een halt toe te roepen. “Never underestimate the power of stupid people, espacially when they are in groups”, besluit Idrissi.

Vlaanderen blijft kiezen voor Syntra Brussel

Vandaag ondervroeg Vlaams sp.a-parlementslid Yamila Idrissi minister Muyters naar aanleiding van de financiële onzekerheid van Syntra Brussel.

De Minister bevestigde dat Syntra Brussel kan blijven rekenen op de steun van Vlaanderen.

Begin november trok Syntra Brussel aan de alarmbel. Net nu Syntra Brussel een financieel gezond Nederlandstalig opleidingscentrum voorzelfstandigen en KMO’s heeft uitgebouwd en antwoorden biedt op de specifieke Brusselse en grootstedelijke uitdagingen kampt de organisatie met onduidelijkheid over haar financiële toekomst. “Wanneer de politici er zouden voor kiezen om de Brusselnorm te laten vallen dreigt voor Syntra Brussel het faillissement” stelt Idrissi.

Idrissi vroeg minister Muyters naar de engagementen van Vlaanderen ten opzichte van Syntra Brussel. De Minister bevestigde vandaag aan Idrissi dat de middelen voor Syntra gegarandeerd blijven tot 2015. De minister voegde er aan toe dat ook nadien zal worden gekeken naar manieren om Syntra Brussel financieel gezond te blijven houden

Idrissi is tevreden met dit duidelijk signaal vanuit Vlaanderen. Het kan volgens haar niet dat n et nu Syntra Brussel een financieel gezond Nederlandstalig opleidingscentrum heeft uitgebouwd ze moeten vrezen voor hun toekomst.

Brussel staat met haar jonge, vaak laaggeschoolde bevolking voor immense uitdagingen. Syntra Brussel wil zich net tot die jongeren in Brussel richten en hen handvaten aanreiken zodat ze kunnen aansluiten op de arbeidsmarkt. “
Syntra biedt de vele Brusselse werkzoekenden en laaggeschoolden een kans op een betere toekomst en dat moet ook in de toekomst zo blijven”, besluit Idrissi.

De tranen van Mohamed

Gisteravond was op Canvas deel één van ‘Triq slama Mohamed’ te zien, een portret van een gastarbeider van de eerste generatie. YAMILA IDRISSI zag de tranen van de man en huilde mee, maar dan om een andere generatie. (DS opinie 14 dec 2011)

 

Ik ben een politicus. Ik stem decreten, wetten die het samenleven van mensen proberen te regelen. Het samenleven van voetgangers, fietsers en auto’s in de publieke ruimte bijvoorbeeld, en we noemen dat mobiliteit. Of het samenleven van mens en milieu, en we noemen dat duurzaam beleid. Of het samenleven van wie hier al is met wie van elders komt om hier te blijven: integratie.
Ik ben de dochter van een migrant van de eerste generatie. Ik ben een getuige van wat de regels die politici maken, doen met iemand die van elders komt. In tegenstelling tot andere samenlevingsregels, die gevoed worden vanuit tegenspraak, worden die voor integratie immers vooral geschreven vanuit het standpunt van wie er al was, en wat die verwacht van diegene die erbij komt.
In Triq slama Mohamed (‘Reis in vrede Mohamed’) van Loutfi Belghmidi wordt de gastarbeider Mohamed Abdeslam de verteller van een verhaal van hoop en pijn. Hij geeft een gezicht aan statistieken, en houdt zo een spiegel voor aan de politici die regels maken, maar ook aan de volgende generaties die soms die regels in vraag stellen.

Mohamed stelde geen regels in vraag. Hij leefde ernaar. Hij toont ons dat de hardwerkende Marokkaan van de eerste generatie, ongeschoold vaak, niet zoveel verschilt van de hardwerkende Vlaming of van de Limburgse en Italiaanse kompels die hij kwam aflossen in de mijnen. Hij wou vooruit, en deed dat werk alleen om te vermijden dat zijn kinderen het ook zouden moeten doen. Die moesten doen waar hij niet de kans voor gekregen had: studeren. Om documentaires te maken in plaats van erin te figureren. Of om erover te filosoferen.

Toen migratie eenvoudig was

Een van de meest ontroerende momenten in de documentaire is de confrontatie van de oude man met de plek waar hij als kind woonde, met zijn kindertijd ook. Maar tijd om kind te zijn, zo bleek, had hij niet lang gehad. Dat besef, nu hij die tijd wel had, brak een veer. Zijn tranen – bijna droog – wekten ook die van mij op, zijn ‘dochter’.
Het waren niet alleen tranen om de pijn van zijn generatie, maar onwillekeurig ook tranen om een generatie die vandaag in onze steden opgroeit zonder het verleden van Mohamed, zonder eigen verleden, met een zee van tijd die Mohamed te kort kwam, maar zonder de hoop op een betere toekomst die hij wel had. Ik vraag me af hoe zij over vijftig jaar zullen terugkijken naar de buurt van hun kindertijd, Molenbeek.

Migratie was, voor politici in elk geval, eenvoudiger toen de grenzen duidelijker waren. Je werd gevraagd, gekeurd, gescheept, je kwam aan, ging slapen, stond op en ging werken. Geen tijd voor inburgering. Dat gebeurde bij de buren, gratis. De procedures om migraties te organiseren die er niet waren, zijn eenvoudiger dan procedures om migraties te beheersen die er ongevraagd zijn. Mohamed in Triq slama weet van waar hij komt, waarom hij vertrok, en waarom hij gebleven is.

Hij is in vele opzichten een voorbeeld van geslaagde integratie en het bewijs dat zo’n succes niet afgemeten moet worden aan de kleren die hij draagt, maar aan de maatschappelijke positie die zijn kinderen bekleden. Mohamed geeft, ook in zijn vriendschap met de buren die hij meer dan veertig jaar niet zag, maar die hem hielpen met zijn papieren, een antwoord op de doodgravers van de multiculturaliteit: je kunt tegelijk anders zijn én behoren tot. Daar kan ik als politicus geen regels voor bedenken. Dat kun je alleen door verhalen te vertellen, zoals de makers dat in Triq slama doen.

Leonard Nolens schreef ooit: ‘Ik ben in Vlaanderen geboren, maar Vlaanderen is niet in mij geboren’. Nolens is een migrant van de tweede en derde generatie. In Brussel, Mechelen, Antwerpen en Gent worden generaties geboren in wie Brussel, Mechelen, Antwerpen of Gent niet geboren wordt. Die zich niet gewenst voelen in eigen stad. Niemand heeft hen wat gevraagd, het lijkt alsof niemand op hen zit te wachten. Wortels zitten nu eenmaal dieper in klei en leem dan in asfalt en beton.

We moeten, nu de regels van het samenleven in vraag worden gesteld, tijd maken. Tijd maken om samen te wenen, en samen te lachen. Triq slama geeft ons alvast een mooie aanzet.

Toerisme Vlaanderen grote afwezige op Winterpret

Afgelopen weekend zette Brussel de eindejaarsfeesten in met de opening van Winterpret. Grote afwezige bleek Toerisme Vlaanderen te zijn. “Als je weet dat Winterpret op 2 miljoen bezoekers mikt, uit binnen – en buitenland, is de afwezigheid van Toerisme Vlaanderen een gemiste kans”, zegt Vlaams parlementslid Yamila Idrissi.
Idrissi vernam dat Toerisme Vlaanderen zelfs geen aanvraag heeft gedaan om standhouder te zijn op de Brusselse kerstmarkt. “Ik zal minister Bourgeois in het parlement vragen of het een bewuste keuze was om Brussel links te laten liggen of dat er eerder sprake is van nalatigheid. In beide gevallen is de afwezigheid van Toerisme Vlaanderen een gemiste kans om Vlaanderen te promoten als toeristische topregio”, stelt Idrissi.
De Brusselse politica merkt op dat Toerisme Wallonië-Brussel (OPT) wel degelijk standhouder is op Winterpret. “Zij zien terecht de meerwaarde in van een aanwezigheid op Winterpret en grijpen deze kans om zich als organisatie en regio te tonen aan de vele duizenden bezoekers”, aldus Idrissi. Vlaanderen mist hier volgens haar dan ook een uitgelezen kans om zich als toeristische trekpleister te promoten.
“Het is geen toeval dat de Engelse touroperators de Brusselse kerstmarkt verkozen als origineelste van Europa. Het parcours doorkruist het hart van de hoofdstad van Europa en biedt zo de kans om alle charmes van Brussel in de winter te ontdekken, om de gastvrijheid van zijn inwoners te ervaren. Kortom een unieke ervaring waar heel wat mensen willen van genieten en waarop Toerisme Vlaanderen niet had mogen ontbreken”, besluit Idrissi.

“tvbrussel moet ook buiten Brussel te zien zijn”

Yamila Idrissi (sp.a) vraagt aan minister van Media Ingrid Lieten te onderzoeken of het mogelijk is om tvbrussel ook buiten Brussel te laten uitzenden.
In tegenstelling tot Télé Bruxelles is tvbrussel vandaag niet beschikbaar in de Rand rond Brussel. “We moeten kijken hoe we ontmoeting en informatie-uitwisseling maximaal kunnen bevorderen ipv verhinderen”, zegt Idrissi.
In het verleden pleitte huidigBrussels parlementslid Elke Roex (sp.a) meermaals voor het uitzenden van tvBrussel in Vlaanderen.

De Franstalige regiozender Télé Bruxelles is sinds dinsdag ook te ontvangen via dvb-t, het digitale signaal via de antenne. Hierdoor kunnen Franstaligen uit de Rand nu ook naar Télé Bruxelles kijken. Wat voor Téle Bruxelles is mogelijk gemaakt zou, volgens Idrissi, ook voor tvBrussel moeten kunnen. Tvbrussel heeft heel wat potentiële kijkers in de Vlaamse Rand rond Brussel. Nederlandstaligen die in de Vlaamse Rand wonen maar werken in Brussel of een liefde hebben voor onze hoofdstad zouden ook toegang moeten krijgen tot tvBrussel.

Dat de Télé Bruxelles nu ook zo kan uitzenden is het resultaat van de steun van de Franse Gemeenschap en de RTBF, die een kanaal ter beschikking stelt. In het licht hiervan vraagt Idrissi aan minister Lieten te onderzoeken om dit ook mogelijk te maken voor tvbrussel.

‘Wakker worden, CD&V’

‘In plaats van onze minister onder vuur te nemen, zou de CD&V beter zelf wat meer haar best doen voor de steden’, zeggen enkele SP.A’ers in een reactie op CD&V’er Veli Yüksel.

De kritiek van Vlaams Parlementslid Veli Yüksel in het vorige nummer van Knack op het stedenbeleid van Vlaams minister Freya Van den Bossche, is SP.A-parlementsleden Yamila Idrissi, Jan Roegiers en Steve D’Hulster een beetje in het verkeerde keelgat geschoten. Yüksel had er in een opiniebijdrage voor gepleit dat minister Van den Bossche wat meer ijver aan de dag zou leggen voor de steden. Ook vroeg hij dat ze werk zou maken van een ‘horizontaal stedenbeleid’, en haar collega-ministers in de Vlaamse regering zou aanmanen om op hun beleidsgebieden voldoende oog voor de steden te hebben.

‘We zijn blij dat Veli Yüksel oproept tot meer aandacht voor de steden, maar hij richt zijn kritiek tot de verkeerde minister en de verkeerde partij’, zegt Yamila Idrissi. ‘Zo klaagt hij dat er in de steden te weinig kinderopvang is en dat de mobiliteit in de soep draait. Maar dat zijn uitgerekend CD&V-bevoegdheden in de Vlaamse regering! Het horizontale stedelijke beleid waarvoor hij pleit, is de hoeksteen van het beleid van Freya Van den Bossche, maar dan moeten de andere ministers natuurlijk wel meewillen. “Wakker worden CD&V!” zou ik zeggen. Dankzij minister Van den Bossche hebben de steden ook extra financiële ruimte gekregen. Ik zie de oproep van Veli Yüksel vooral als een wat onhandige poging om zijn imago in Gent in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen op te vijzelen. Maar dat neemt niet weg dat we in het Vlaams Parlement zeker bondgenoten kunnen zijn. Hoe meer zielen zich voor de steden inzetten, hoe meer vreugd.’

‘STEDENBELEID: WAKKER WORDEN, CD&V!’, HET ANTWOORD VAN YAMILA IDRISSI, JAN ROEGIERS EN STEVE D’HULSTER OP DE OPINIEBIJDRAGE VAN VELI YÜKSEL, KUNT U LEZEN OP WWW.KNACK.BE/OPINIE.

Yamila Idrissi herneemt afgewezen VGC-resolutie over Brusselse kinderopvang in Vlaams parlement

De Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) heeft vrijdagochtend de ingediende resolutie over het echt van kinderopvang in Brussel weggestemd. Het voorstel komt van Elke Roex (sp.a) die samen met de Vlaamse en Franse Gemeenschap in meer aanbod wou voorzien. Haar partijgenoot Yamila Idrissi stapt nu met hetzelfde voorstel naar het Vlaams parlement.

Tegen 2020 moeten in Brussel zowat 4.500 bijkomende plaatsen gecreëerd worden in de Nederlandstalige kinderopvang als gevolg van de demografische groei in de hoofdstad. ”Het doel was het recht op kinderopvang ook te doen gelden in Brussel”, aldus Roex. Ze wou zo samen met de Vlaamse en Franse gemeenschap komen tot een behoeftedekkend aanbod en onder meer een lokaal loket kinderopvang oprichten en de betaalbaarheid van de dienstverlening verbeteren.

De meerderheid (CD&V, Open Vld en Groen!) binnen de VGC had onder meer opmerkingen over de samenwerking met de Franse gemeenschap en pleit voor het stimuleren van privé-initiatieven.

Yamila Idrissi volgde de stemming binnen de raad van de VGC en stapt nu naar het Vlaams parlement om daar het voorstel goedgekeurd te krijgen.

Stedenbeleid: Wakker worden, CD&V!

We zijn oprecht blij met de oproep van CD&V-parlementslid Veli Yüksel voor meer aandacht voor de steden. Alleen had hij die beter gericht tot zijn eigen partijgenoten. Want als er één partij zich tot nu toe heeft ingespannen om vooral niét in te zetten op de Vlaamse steden, dan wel CD&V, constateren sp.a-parlementsleden Jan Roegiers (Gent), Yamila Idrissi (Brussel) en Steve D’Hulster (Antwerpen). 

“Wie ligt er wakker van de stad?”, vraagt CD&V’er Yüksel zich af in Knack. Hij haalt uit naar de provincialistische visie van de beleidsmakers, hekelt het ontbreken van een langetermijnvisie en stelt vast dat het Vlaams parlement nauwelijks aan de kar trekt. Een gedurfde en bewonderenswaardige poging om zijn eigen partij uit een diepe winterslaap te wekken, dachten wij. Zijn kritiek is immers vooral zelfkritiek.

Ter illustratie van wat er allemaal fout loopt in onze steden verwijst Yüksel opeenvolgend naar het groot tekort in de kinderopvang en de zorgvoorzieningen, naar de nood aan sportfaciliteiten en naar de mobiliteit die in het honderd loopt. Respectievelijk bevoegdheden van de ministers Jo Vandeurzen (CD&V), Philippe Muyters (N-VA) en Hilde Crevits (nog eens CD&V). Dit zit. Groot was echter onze verbazing toen Yüksel zijn pijlen bijna uitsluitend op Vlaams minister Freya Van den Bossche (sp.a) bleek te richten.

Met het stadsvernieuwingsfonds en het stedenfonds krijgen de steden extra ademruimte. Minister Van den Bossche heeft ervoor gezorgd dat die instrumenten – die trouwens uitstekend werken en overal zichtbare resultaten opleveren – structureel verankerd zijn. Ook in economisch moeilijke tijden blijven de middelen elk jaar stijgen. Dat is broodnodig. Overal ter wereld trekken steeds meer mensen naar de stad, en die evolutie zet die stad onder druk. Vlaanderen is geen eiland, we ontsnappen hier niet aan die evolutie. De bevolkingsgroei, de klimaatverandering, het tekort aan ruimte, ze creëren onvermijdelijk samenlevingsproblemen. We steken onze kop niet in het zand. Maar een duidelijk beleid en een duidelijk groeipad, is dat dan geen langetermijnvisie?

Yüksel verwijt de minister dat het te vaak bij goedbedoelde plannen blijft. Weer mis. Kijk maar naar het actieplan Midden- en Oost-Europese Migranten van de Vlaamse regering, dat vooral oplossingen zoekt de problematiek van de Roma in zijn eigen Gent. Uitgewerkt door alle Vlaamse ministers, maar er is er maar eentje die effectief geld uittrekt om het plan ook uit te voeren: Van den Bossche.

Nog iets waar we het roerend eens zijn met Yüksel: zijn pleidooi voor een horizontaal stedenbeleid. Hij heeft heimwee naar de beleidsbrief van de allereerste Vlaamse minister voor Steden Leo Peeters, die 16 jaar geleden een lans brak voor een integraal stedenbeleid. Eén stedelijke reflex, over alle beleidsdomeinen heen, voor elke minister. Of het nu over kinderopvang, sport of mobiliteit gaat. Uitstekend idee van Yüksel,echt waar. Ware het niet dat Van den Bossche die integrale aanpak al beschouwt als de hoeksteen van haar stedenbeleid. Alleen: it takes two to tango.

Het was vermoedelijk niet de bedoeling van zijn opiniebijdrage, maar Yüksel toont omstandig aan dat het schoentje vooral knelt bij zijn eigen partij. Als er één partij is die zich tot nu toe heeft ingespannen om vanuit het beleid vooral niet in te zetten op de Vlaamse steden, dan is het wel CD&V. Of het aan de slinkende stemmenaantallen in de grote steden ligt of aan iets anders, we weten het niet, maar we hebben de christen-democraten zelden kunnen betrappen op een stedelijke reflex.

We kunnen het initiatief van Yüksel dus alleen maar toejuichen. Steden zijn voortdurend in beweging. Mensen komen en gaan, het is continu aftasten hoe de stad zich aanpast aan die veranderde realiteit. Dat gebeurt met vallen en opstaan, maar het is wel een garantie voor vooruitgang. Omdat het nu eenmaal niet anders kan. En die vooruitgang werkt aanstekelijk, trekt andere steden en gemeenten mee. De grote steden blijven meer dan ooit de motoren van Vlaanderen. Ze verdienen extra aandacht, ze verdienen extra zorgen. We nemen de uitgestoken hand van collega Yüksel om in het Vlaams parlement samen op te komen voor de steden graag aan. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd. Hopelijk hebben minister-president Kris Peeters en co de oproep van hun Gentse partijgenoot even aandachtig gelezen als wij.

Yamila Idrissi (Brussel), Jan Roegiers (Gent), Steve D’Hulster (Antwerpen) – Vlaams volksvertegenwoordigers voor sp.a